Eenvoudiger leven: tip van de week # 1

Geplaatst op Geupdate op

Zoals eerder aangekondigd kan je vanaf nu elke week een eenvoud-tip verwachten, maar waar te beginnen?
Als je meer eenvoud in je leven wil, is een prima startpunt om jezelf zo goed mogelijk te kennen. Hoe nauwer je in contact staat met je eigen wensen, waarden en drijfveren, des te beter. Hoe doe je dat? Wel, met jezelf observeren en stilstaan bij de dingen kom je al een heel eind. Hieronder vind je handige instrumenten die je daarbij helpen.

Tip van de week:

Start met een eenvoud-dagboekje. Neem een leeg schrift of notitieboekje, of open een nieuwe file als je niet graag met de hand schrijft, in elk geval: maak iets waar je gemakkelijk notities en observaties in kwijt kan. Voel je je geen schrijver? Geen nood, telegram-stijl mag, zogenaamde bullet lists zijn toegelaten, je maakt het zo beknopt of uitgebreid als je zelf wil. Je kan ook gewoon over vragen nadenken, maar het voordeel van noteren is dat je later je notities kan teruglezen, kijken hoe je evolueert en jezelf schouderklopjes geven voor vorderingen (strafpunten voor verdwalen en terugval laten we achterwege).

Het eerste wat we doen, is een eenvoud-balans opmaken voor onszelf. Waar sta je met eenvoudiger leven op dit moment? Hier zijn wat vragen die je daarbij richting kunnen geven.

  1. Wat betekent voor jou eenvoud? Krabbel spontaan alles neer wat je invalt. Ben je iemand die houdt van tekenen, dan kan je dat ook doen. Met grotere en kleinere letters, omcirkelen en pijlen kan je aangeven wat je meer of minder belangrijk vindt. Gebruik ook kleuren als dat je helpt.
  2. Waarschijnlijk was eenvoud in je kindertijd nog geen thema, maar als je erop terugkijkt, hoe zou je je gezin van herkomst op dat vlak beschrijven? Kreeg je bepaalde ‘eenvoudige’ of ‘niet-eenvoudige’ gewoonten mee vanuit je opvoeding?
  3. Noteer 5 concrete dingen op het vlak van eenvoud waarover je tevreden bent in je leven.
  4. Noteer 5 concrete dingen op het vlak van eenvoud waarover je een vervelend gevoel hebt of waarvan je vindt dat het anders zou moeten.
  5. Noteer 5 concrete dingen in je leven waarvan je weet dat ze niet erg in overeenstemming zijn met eenvoudiger leven, maar die je – op dit moment of op lange termijn – niet wil veranderen.
  6. Situeer jezelf op een schaal tussen 0 en 10, waarbij 0 voor de grootste eenvoud staat en 10 voor de minste eenvoud. Doe dat in het algemeen en voor een aantal deelterreinen, namelijk: materieel (spullen, woning, koopgedrag, financiën …), fysiek (voeding, slaap, beweging, energie …), ecologisch (afval, energieverbruik, mobiliteit, eetgewoonten, …), werk (vervullend of niet, in overeenstemming met talenten en motivatie of niet, …), mentaal (mate van rust, tevredenheid, stress, piekeren, …), relationeel (vervullende relaties, tijd voor partner en kinderen, tijd voor hechte vriendschappen, …), afhankelijkheid (van roken, alcohol, cannabis, cafeïne, bepaalde voedingsmiddelen, internetten, …), spiritueel (aanvoelen van universele verbondenheid en diepere zin, religieus gevoel …).
  7. Hoe staat het met je naaste omgeving (gezin, familie, vrienden, collega’s, …)? Hoe zouden zij reageren als jij op bepaalde vlakken eenvoudiger zou willen gaan leven? In wie zie je potentiële medestanders of steunfiguren? Van wie verwacht je eerder tegenwind?
  8. Als je één ding zou moeten kiezen om meteen eenvoudiger aan te pakken, wat zou dat dan zijn?

Laat je notities enkele dagen liggen en kom er dan op terug. Overlees, vul eventueel aan. Als je zin hebt om iets concreets te doen aan wat je op vraag 8 hebt geantwoord, ga vooral je gang. Wil je onder dit bericht iets delen, doen!

Fijne week! En hou het simpel!

 

Bewaren

Gifspuiters en glyfosaat-haters: willen ze eigenlijk (niet een beetje) hetzelfde?

Geplaatst op

Het is veel in het nieuws en het houdt mij bezig: glyfosaat, Roundup, je weet wel, de onkruidverdelger die recent verboden werd voor gebruik door particulieren, maar die landbouwers nog steeds massaal op hun velden kunnen verspreiden. Producent Monsanto beweert dat het spul veilig is, heel wat onderzoeken leggen verbanden met kanker en andere aandoeningen. Er valt nog veel meer over te vertellen, maar dat kan je elders ook lezen.

Wat mij opvalt: dat de emoties hoog oplopen en je altijd weer dezelfde geluiden hoort bij voor- en tegenstanders. Voor de glyfosaat-haters gaat het over niet veel minder dan de overleving van de mensheid en het onverantwoorde gedrag van de gifspuiters. Voor de Roundup-liefhebbers gaat het over het recht om eigen tuin of oprit onkruidvrij te houden en het hysterische gemekker van een stelletje al te groene rakkers.

En wat ik me dan afvraag: wat zit er achter die felheid waarmee beide kampen hun terrein verdedigen? Volgens de theorie van de geweldloze communicatie berusten conflicten op onderliggende behoeften: mensen raken met elkaar slaags omdat aan de basis van een conflictgeladen uiterlijke situatie innerlijke behoeften ten grondslag liggen die in de verdrukking dreigen te komen. Passen we dit even toe op het glyfosaat-verhaal. Wat zou de behoefte zijn van elk van beide kampen? Laten we ervan uitgaan dat de glyfosaat-haters behoefte hebben aan een gezonde leefomgeving, veilig voedsel, een schone planeet waarop veilig te leven valt voor ons mensen. Waaraan hebben particuliere Roundup-gebruikers behoefte? Aan een nette leefomgeving waar ze met weinig moeite voor kunnen zorgen zonder bemoeizuchtige inmenging van anderen, en meestal ook aan goedkoop en makkelijk beschikbaar voedsel. Geef toe: het eerste stuk van de behoeften lijkt verbazingwekkend op elkaar. Eigenlijk willen beide partijen het graag schoon hebben in hun buurt, ze hebben er behoefte aan dat de biotoop waarin ze leven aan bepaalde kwaliteiten voldoet. Alleen vullen ze dat vanuit een verschillende  visie in. De glyfosaat-haters zien schoon en gezond als ‘vrij van giftige en vervuilende stoffen’, voor de Roundup-gebruikers staat schoon en gezond gelijk aan ‘onkruidvrij en dus netjes’. De onderliggende visie lijkt bij het eerste kamp te zijn dat de natuur moet worden gerespecteerd omdat we er als mens deel van uitmaken en ervan afhankelijk zijn voor onze overleving. Het tweede kamp lijkt de overtuiging aan te hangen dat we als mens boven de natuur verheven zijn, dat ze onder controle moet kunnen worden gehouden met alle middelen die ons efficiënt lijken en aan een lage prijs tot onze beschikking moet zijn. In de tweede visie zit ook een sterk emotionele component die te maken heeft met wat ik zou noemen beschavingsdenken. Vaak hoor je mensen uit dit kamp zeggen: ‘Moeten we dan allemaal terug aan de schoffel? Waarom keren we niet ineens terug naar het steentijdperk?’. Met andere woorden: een efficiënt product, resultaat van moderne wetenschap, verbieden staat voor hen gelijk met het ondermijnen van de beschaving en een terugkeer naar een primitiever bestaan. Voor de boer die glyfosaat op zijn akkers spuit komt daar nog eens de behoefte aan inkomenszekerheid bij.
Behalve de kwestie ‘behoefte aan een propere omgeving’ lijkt er mij trouwens nog een punt van overeenkomst: aan beide zijden is er behoefte aan een vorm van vrijheid. De enen willen gevrijwaard blijven van de effecten van giftige stoffen, de anderen willen vrij zijn van inmenging in hun persoonlijke keuzes.

Als je heel die onderlaag bekijkt, die raakt aan diepgaande waarden, is het allesbehalve verwonderlijk dat de gemoederen zo verhit raken over iets schijnbaar banaals als de manier waarop je met ongewenste planten omgaat. Misschien een wat vreemde vergelijking, maar mij doet het denken aan de verhitte reacties die je vaak krijgt op de topic: schaam- en okselhaar verwijderen of niet. Toegegeven, deze heeft een stuk minder implicaties, maar in wezen gaat het net zo over wat onder schoon of vies wordt verstaan, behoefte aan netheid en gezondheid, de vraag of datgene wat natuurlijk is ook goed is en aanvaardbaar of wat natuurlijk is daarentegen primitief en vuil is en onder controle moet worden gehouden en bijgeschaafd. Voor de enen is beharing onze natuur en hoeven we die niet weg te poetsen, voor de anderen staat het gelijk met de holenmens en gebrek aan hygiëne. En om maar helemaal de allegorische toer op te gaan: in feite kan je onkruid gewoon als het schaamhaar van onze planeet beschouwen. Voilà.

Nu ja, waar ik heen wil, is: we komen er niet als we blijven focussen op willen verbieden aan de ene kant en willen gebruiken aan de andere kant. Wat lichaamshaar betreft kan je makkelijk zeggen: ieder z’n meug, laat maar groeien of scheer en wax er op los naar believen, daar heeft niemand anders last van. Helaas kan je dat niet voor glyfosaat: de keuze van de één heeft daar rechtstreekse én onrechtstreekse gevolgen voor de ander. Als mijn buurman voortdurend Roundup gebruikt in zijn tuin adem ik het in, kan het ook op mijn groenten terechtkomen, raakt het in de bodem enzovoort. Als velen het gebruiken komt het in de ecologische kringloop en kan ik er al helemaal niet meer aan ontsnappen.

Waar ik in dit hele verhaal behoefte aan heb: dat beide kanten misschien af en toe een keer uit hun heilige gelijk kunnen stappen en kunnen zien dat we allemaal in een fijne en aangename omgeving willen leven, maar dat verschillend invullen. Dat we allemaal zo vrij mogelijk willen kunnen zijn in onze keuzes. Dat beleidsmakers ook wat meer doordrongen raken van de reflex om vanuit het totaalplaatje te vertrekken, met onderliggende behoeften inbegrepen. Als we nieuwkomers verplicht op inburgering kunnen sturen, waarom zouden we dan medeburgers in een verkozen ambt niet kunnen verplichten om een cursus geweldloze communicatie te volgen bij aanvang van hun termijn. Misschien komt er zo meer ruimte voor compromis en sensibilisering. En dringt het iets meer door dat menselijke behoeften ruimer zijn dan economische wetmatigheden en de behoefte van de top en aandeelhouders van multinationale bedrijven aan maximale winst en macht.

Bewaren

Natuurlijke voortuin in aanleg

Geplaatst op Geupdate op

Groenere straten, het is één van onze (vele) dromen. Waarom? In groenere straten is het niet alleen mooier en gezelliger wonen dan in steenvlaktes, groene straten helpen ook om onze leefomgeving gezonder te maken. Hoe maak je een groenere straat? Begin bij je eigen voortuin!

De afgelopen maanden startten we een Growfunding-actie op: we wilden 5000 € verzamelen om het project De Groenste Straat van Landen te lanceren. We hebben het – bij lange niet – gehaald. Concreet betekent dat dat het geld wat gedoneerd werd allemaal aan de donateurs wordt teruggestort want het principe is ‘target halen of niks’, zo gaat dat bij Growfunding. Is dit erg? Eigenlijk niet nee. Toegegeven, het is nooit leuk als je tijd en moeite investeert in iets wat naderhand vergeefs lijkt, maar voor de rest vallen er zeker wat wijze lessen te rapen. Bijvoorbeeld dat we iets te veel schroom hebben om zo veel mogelijk mensen om zo veel mogelijk geld te vragen. Na drie jaar Landen zijn we ook nog niet voldoende ingebed voor dit soort actie en potentiële lokale partners die enthousiast zijn maar zelf geen euro inbrengen, daar heb je dus niet veel aan. Bovendien ligt onze kracht elders: namelijk in kleinschalig starten en zo groei realiseren en vanuit onze eigen huis-/tuin-/hart-/hoofdpraktijk verhalen, voorbeelden en inspiratie delen met een persoonlijke toets.

Wat die Groenste Straat betreft maakten we dus maar de omschakeling in ons hoofd naar: laten we kleiner beginnen en alvast zelf werken aan ons eigen groene baken in onze eigen straat. Zo gezegd, zo gedaan. De afgelopen weken evolueerde onze voortuin van pokdalige-woestijn-na-verbouwing naar een natuurlijke groeiplek met potentieel. Hoe leg je een natuurlijke voortuin aan? Alle fasen voor je op een rij.

 

Voor de verbouwing: klinkervlakte, afgestemd op Koning Auto. We braken de klinkers uit en gaven ze weg via een lokale geefgroep. In elk geval wilden we dit uitzicht niet herstellen. De garage zou na de verbouwing geen auto meer kunnen herbergen, dus daarmee hoefden we alvast geen rekening te houden.

 

Na de verbouwing: er zijn waterputten aangelegd en fase 1 voor vergroening is al klaar, namelijk de grond egaliseren. Die lag er heel oneffen bij en er waren al heel wat pioniersplanten gaan groeien. Het egaliseren deden we gewoon met de schop.

Volgende stap: met boomstammetjes van ongeveer 20 cm doorsnede en variërende lengtes maakten we afbakeningen om te bepalen waar paden moesten komen en waar groeiplekken. Op de groeiplekken werd de schrale, harde grond wat losgemaakt en werd compost van eigen kweek uitgespreid.

 

Waar paden moesten komen en er dus net moet worden vermeden dat er allerlei dingen gaan groeien werd een laag zacht verhakseld plantenmateriaal gelegd dat al een winter had liggen drogen. Hier zie je goed het verschil tussen de delen van de voortuin: links uitgedroogde aarde en bedekking met compost, rechts het pad in aanleg.

 

Op de groeiplekken wordt de compost vervolgens ook bedekt met een laag haksel. Op een bescheiden smeerwortel na staat er voorlopig niets in die voortuin en we willen vermijden dat hij overwoekerd raakt voor we nog maar met een doordachte aanleg van planten begonnen zijn.

De paden naar de voordeur en de garage krijgen een tweede laag, deze keer van grof houthaksel. Altijd de moeite waard om je omgeving in het oog te houden om aan dit soort materiaal te komen: gemeentelijke groendiensten beschikken vaak over haksel dat ze kwijt willen en soms zie je ergens hopen liggen die je bij navraag gratis mag komen ophalen.

Spontaan oprukkende klaprozen en kamille, die laat je natuurlijk gewoon hun gang gaan. Dit stukje aan de rechterkant van onze voortuin laten we ongemoeid. Geen compost, zodat de grond schraal blijft en het plan om hier volgend jaar een veldbloemenmengsel te zaaien. Een beetje ophogen is nog wel nodig. En dan op naar fase 2: beplanten.

Een uitgebreidere fotoreeks kan je bekijken op onze Facebook-pagina.

Denk je dat een groenere voortuin geen optie is als je een auto en dus een stenen oprit hebt? De stad Antwerpen geeft tips.

 

Bewaren

Bewaren

7 strategieën om het beste te maken van tijdelijkheid in huis en tuin

Geplaatst op

Eén van de vervelendste dingen bij het verbouwen van een huis: tijdelijkheid. ‘Voorlopig’ is altijd al een populair woord geweest in al onze vroegere woningen en we zijn evenmin mensen die op een plek of in een job neerstrijken en daar een paar decennia blijven zitten, maar al dat tijdelijke en on-affe kan je op de duur flink moe maken.

Nu ik in deze zomer-komkommertijd volop gelegenheid heb om onder ogen te zien hoe ons Villa’tje erbij ligt, ontwikkel ik strategieën om van tijdelijkheid in plaats van iets ergerlijks een kracht te maken. Hoe? Hieronder een paar principes om je te inspireren en een voorbeeld.

1. No stress!

Onafgewerkte dingen zorgen vaak voor een zeurend gevoel op de achtergrond of zelfs latente schuldgevoelens. ‘Hoeveel jaar duurt het nog voor dit afgewerkt raakt?’ ‘Waarom ben ik zo’n uitsteller?’. Wel, er zijn vast meer dan genoeg goeie redenen waarom deze plek er zo uitziet: er zijn andere prioriteiten, je hebt het druk, je hebt geen idee hoe je het kan aanpakken, … Het weze zo! Besluit bij deze om het jezelf te vergeven en klaar!

2. Beschouw tijdelijke plekken als pop-up zone.

Nu kan je met een schone lei beginnen. Kies een tijdelijke plek uit waarvan je weet dat je ze de eerstkomende tijd niet definitief gaat inrichten en waar je een oplossing voor wil. Dat kan van alles zijn: een vervelende rommelhoek, een braakliggend stukje in je tuin, een ongebruikt kamertje dat nog niet afgewerkt is … Zeg tegen jezelf: dit is een pop-up, deze plek zit vol potentieel dat nog niet benut is, hier komt iets snels en leuks. Wat is het?

Hiernaast zie je een plek achteraan ons huis, tijdens de verbouwing in januari. Voorheen was er een veranda, voorlopig blijft deze plek onoverdekt en komt er ook geen nagelnieuw terras. In juni lag het er, behalve de stellingen die weggehaald waren, nog ongeveer net zo bij:  blote aarde, nu met opschietend onkruid erop, puin en steengruis en de fundamenten en wanden voor een natuurlijke waterzuivering.

 

 

3. Gebruik je verbeelding.

Een pop-up in of rond je huis hoeft helemaal niet de bestemming te krijgen die je ervoor in gedachten hebt op langere termijn. Denk na: wat zou ik op dit plekje het liefst willen doen als ik het beter ingericht zou krijgen? De was opvouwen, een boek zitten lezen, naar muziek luisteren, aardappelen schillen of nog wat anders? Ga er desnoods een half uurtje zitten,  kijk rond en luister om je fantasie te helpen.

Wat de plek op de foto hierboven betreft: gelegen op de zuidkant kan het er ’s middags bloedheet zijn, maar ’s ochtends is het er nog koel en kan je de zon zien opkomen. Dit moest een ontbijtterrasje worden!

4. Gebruik materialen die elders in en om je huis geen functie hebben of zelfs ontsierend afval zijn.

Heb jij dat ook? Ongebruikte stoelen, servies, boeken, lampen, bouwmaterialen, … waar je in en om je huis geen blijf mee weet, maar waarvan je denkt dat je ze in de toekomst nog nodig zal hebben? Het goeie nieuws is dat ze voor het bestrijden van tijdelijkheid een goudmijntje kunnen vormen.

Op de foto: na het weghalen van puin en onkruid en licht egaliseren van de grond werd de plek bedekt met twee grote houten platen en een heleboel betonnen tegels die in de tuin vooral lelijk lagen te wezen. Een metalen tafeltje dat stond te niksen op zolder kon zich plots nuttig maken.

5. Werk snel.

Als je er drie weken aan een stuk over moet doen om je pop-up klaar te krijgen, als er breken, metselen, behangen, schilderen of andere langdurige activiteiten bij komen kijken, dan ben je eerder bezig met inrichten voor de langere termijn. Daar is niks mis mee natuurlijk, maar het is het leukst en geeft de meeste voldoening als je snel resultaat hebt. Enkele uren of een dag is ideaal.

Het ontbijtterras op de foto maken kostte alles bij elkaar een uur of twee.

6. Versier!

De kans is groot dat het er allemaal niet zo afgewerkt of supernetjes gaat uitzien, misschien gebruik je meubels of materialen die je op zich niet erg mooi vindt maar die wel je doel dienen. Dat wil niet zeggen dat het sowieso lelijk-maar-functioneel hoeft te worden. Versieren is de boodschap! Zorg voor wat aankleding met een fleurig tapijtje, een plant, een mooie prent aan de muur, wat dan ook om de sfeer zo prettig mogelijk te maken.

Op verschillende plekken in onze tuin stonden grotere en kleinere planten in potten, uit het zicht, een beetje verloren. Bij elkaar gezet versieren ze het terrasje en functioneel is dit ook: bij heel warm weer moeten ze ’s avonds water krijgen en dan is het mooi meegenomen dat ze allemaal bij elkaar staan vlak bij de achtergevel.

7. Documenteer!

Ziezo, mini-terras klaar!

Een pop-up plekje kan iets van maanden zijn of misschien wel enkele jaren, maar tijdelijk blijft het in elk geval. Maak er wat foto’s van (‘voor’ en ‘na’ is altijd leuk). Het voelt dan aan als een project waar je mee bezig bent, eerder dan oplapwerk, en het is ook leuk om later te kunnen herbekijken welke transformaties je huis en tuin allemaal hebben ondergaan. Je gaat ook beseffen dat tijdelijkheid een eigen speelse charme kan hebben.

 

 

 

 

Growfunding De Groenste Straat: 11 redenen om te steunen

Geplaatst op

Misschien hebben jullie er al wat van gezien via sociale media of langs andere weg: Villa VanZelf is in zee gegaan met Growfunding om fondsen te werven. Growfunding is een vorm van crowdfunding met een positieve impact op de samenleving. Concreet willen we 5000 € bij elkaar krijgen om in onze thuisbasis Landen het project ‘De Groenste Straat’ te lanceren. De Groenste Straat zal twee jaar lang lopen en bewoners ondersteuning bieden om op zo veel mogelijk plekken in Landen het straatbeeld ingrijpend te vergroenen en zelfs een prijs voor ‘De Groenste Straat’ te winnen.

Waarom steunen? 

1. Positieve actie!

Vaak wordt de bankkaart getrokken voor de bestrijding van onheil: ziekten, aardbevingen, overstromingen, etc. Broodnodig natuurlijk, maar hier krijg je nu een keer de kans om te doneren voor puur positieve actie. Geen beroep op je medeleven, geen zielige beelden, gewoon een gelegenheid om met de glimlach bij te dragen aan iets moois.

2. Groen maakt happy.

Natuur om ons heen maakt gelukkiger en gezonder, dat is bewezen. Soms denken we dat we daarvoor de bossen moeten opzoeken en die zijn niet altijd vlakbij. Een heerlijk groene straat biedt een eenvoudig alternatief voor de gebruikelijke tegelwoestijn en we kunnen er elke dag van genieten.

3. Geven maakt eveneens happy.

Ook wetenschappelijk bewezen in tal van experimenten: als mensen een bescheiden geldbedrag krijgen dat ze ofwel aan zichzelf ofwel aan een cadeautje voor een ander moeten uitgeven blijken aan het eind van de dag diegenen die het geld aan een medemens besteedden gelukkiger.

4. Je weet precies waar je geld heengaat.

Geen vraagtekens over waar het geld bij grote ngo’s allemaal blijft plakken en welk percentage van je donatie uiteindelijk echt bijdraagt. Villa VanZelf is een kleine vzw op het terrein, wij hebben geen grote werkingskosten en kunnen elke € dus helemaal inzetten voor het doel.

5. Vergroening helpt tegen klimaatopwarming.

Meer groen zorgt voor schonere lucht en helpt een buffer bouwen tegen klimaatopwarming. Nee, we zijn heus niet machteloos overgeleverd aan die wereldomvattende problemen waarvan we denken dat we er als individu niks tegen kunnen.

6. De Groenste Straat versterkt lokale cohesie.

De Groenste Straat wordt ook een sociaal labo. Alleen voor je eigen stulp een tegel loswrikken en er een zonnebloem in planten is mooi natuurlijk, maar met samenwerking wordt er zoveel meer mogelijk: een heuse straattuin, een eetbare stoep, een groen speelplekje …

7. Ook een vormingsproject

Via praktische workshops worden ondersteuning, ideeën en tips geboden om van start te gaan, maar ook door te gaan op het eerste elan.

8. Inspiratie die kan worden gedeeld.

De Groenste Straat heeft weliswaar een lokale inbedding, maar er wordt heel wat expertise verzameld die op termijn kan worden gedeeld met andere gemeenten en steden, zodat daar met handige voorkennis Groenste-Straten-projecten kunnen starten.

9. Het Groenste-Straten-Land?

Dromen doet geen pijn, integendeel. Hoewel we mooie plekken natuur hebben waar we trots op mogen zijn, kan België zich niet bepaald beroepen op zijn exuberant groene karakter. Waarom brengen we daar niet doodgewoon verandering in, van onderop, met kleinschalige middelen, als een groene vlek die zich uitbreidt? Zodat we ons op termijn het Groenste-Straten-Land kunnen noemen.

10. Omdat elke donatie een verschil maakt.

‘5000 € is heus niet zo veel, ze komen er wel, een ander geeft wel wat.’ Zo werkt het niet! We rekenen echt op jou. En we gaan daarbij radicaal ook voor de mini-donatie. Wees trots op de 10 € die je schenkt (en wees nog trotser als je meer schenkt). We zijn blij met elke donatie. Als we ons doel niet halen, worden alle donaties teruggestort, maar geef toe: dat kan toch echt niet de bedoeling zijn.

11. Je krijgt er wat voor terug.

Afhankelijk van de grootte van je donatie krijg je iets van ons terug. Ja, echt! Alle concrete info daarover, een clipje dat we maakten om ons project aan te kondigen en de mogelijkheid om online te doneren vind je op:

https://www.growfunding.be/groenstestraat

Doen, vandaag nog! Alvast bedankt!

 

 

Eenvoud? Of vereenvoudiging?

Geplaatst op Geupdate op

Bewuste eenvoud, leven in eenvoud. Als je naar de visie van Villa VanZelf vraagt en een blik op de statuten werpt springt het er ‘vanzelf’ uit. Het was ook echt wat we wilden toen we in 2014 verder van Brussel weg verhuisden en besloten om ons ding te gaan doen in plaats van jobs in loondienst die het toch niet helemaal waren. Ik stel vast dat wat ik eerder op deze site schreef over eenvoud in de statistieken week na week één van de meest aangeklikte pagina’s is. Eenvoud is in, laat dat duidelijk zijn. Toch vraag ik me af hoe eenvoudig we wel zijn. Een beetje het ongemakkelijke gevoel van ‘als je beweert voor iets te staan, moet het ook wel kloppen’.

OK, we hebben geen koelkast, geen droogkast, geen centrale verwarming, geen auto, geen doorspoeltoilet en kopen zelden niet-tweedehandse kleding, om even de grootste groene afwijkingen op te sommen, maar maakt dat ons eenvoudig? Ik geloof het niet. Al heel snel stelde ik vast dat materieel vereenvoudigen natuurlijk wel betekent: minder spullen, minder consumentisme en de tevredenheid om minder technologie-afhankelijk te zijn, maar zoiets slijt ook wel. Je beschouwt het op de duur niet meer als eenvoudig, of het voelt niet meer zo aan.

Toen begon ik te denken: eenvoud zit gewoon in je hoofd. Of: zit er vooral heel vaak niet in. Want dat hoofd van ons – het mijne toch – zit vaak zo overvol, terwijl voor eenvoud ruimte, leegte en afstand nodig zijn. Zoals iemand in ‘Voluntary simplicity’ van Duane Elgin zegt: ‘Vrijwillige eenvoud heeft meer te maken met je staat van bewustzijn dan met je fysieke omgeving of je bezittingen.’ Een onderdeel van een eenvoudiger bewustzijn lijkt me in elk geval om wat minder in het verleden of – vooral – de toekomst te vertoeven in mijn hoofd. Veel verwarring en complexiteit komt voort uit het willen van allerlei dingen die er nu niet zijn, nog niet zijn, die ik wil realiseren en waarvan ik niet weet of ik ze zal realiseren, wat dikwijls een gevoel van vage ontevredenheid over het nu geeft. Nu is niet goed genoeg, want het zou beter zijn als dit of als dat. Een luchtspiegeling natuurlijk, ook wanneer het begeerde bereikt wordt. En hoe doe je dat dan, minder in ‘fast forward’ of in ‘replay’ zitten? In mijn geval vooral door gedachtenpolitie te spelen: mezelf betrappen op kniezen over wat ik zou willen, op angstjes en twijfels of iets wel gaat lukken, op het in gedachten opnieuw afspelen van filmpjes uit het verleden die om wat voor reden dan ook opduiken. Hoe vaker je jezelf daarin onderbreekt, hoe sneller je het opmerkt. En kan vervangen door iets wat je in het huidige moment brengt: registreren welke schoenen je medepassagiers in de bus aanhebben, fluitende vogels opmerken, aanwezig zijn in contact, ook met de kassabediende of de mevrouw in de bib. Ik zeg maar wat.

zichtraamtreinEen ander onderdeel van een eenvoudiger hoofd is in mijn geval: zorgen voor voldoende leegte en ruimte. Ik geef het toe: ik ben een prikkeljunk. Kan moeilijk op een productieve en bewuste manier uitrusten, heb snel het gevoel dat saaiheid om de hoek loert, vind maar één ding doen bijna horror – in stilte en zonder tegelijk te lezen ontbijten bijvoorbeeld – en verlang voortdurend naar interessant-heid en inspiratie onder de vorm van ideeën, boeken, kranten, kunst, … Leegte ervaar ik meestal als onaangenaam. Naar buiten gaan om ‘alleen maar’ te wandelen, tijdens treinreizen mijn boek wegstoppen en ‘alleen maar’ uit het raam kijken, ik moet mezelf er wat voor dwingen. Gelukkig loont het wel. Na de initiële onrust die samengaat met lichte dwang en het verzet daartegen komen andere dingen: zintuiglijke indrukken, een zekere lichtheid, minder gedachten, …

In deze enigszins van eenvoud behepte tijden worden natuurlijk manieren zat aangeboden om een simpeler hoofd te krijgen: yoga, meditatie, mindfulness …Als je er nog niet mee bezig bent, moet je er vooral snel aan beginnen, zo lijkt het. Ik heb een paar jaar met regelmaat in mijn eentje gemediteerd en het tiental keren dat ik in een echte zen-dojo in groep een uur op een meditatiekussentje zat, probeerde geen vin te verroeren – zelfs slikken was gênant hoorbaar voor je naaste buren – en de pijn in mijn lijf te verduren zal ik niet licht vergeten. Op dit moment doe ik niets van dat alles, niet goed wetend waarom, en laat ik het maar zo.

Het is ook een kwestie van realiteitszin, geloof ik. Wees maar eens eenvoudig in een moordend complexe wereld. Ik zie geen heil in het buitensluiten van de informatiestroom – een beetje managen natuurlijk wel, het bewuste besluit om niet de hele dag mijn laptop aan te hebben staan maakt een verschil – en onder de deadline- en klokgebondenheid van onze samenleving kunnen we nooit helemaal uit. Hoe dan ook staat verlangen naar eenvoud altijd in een wat gespannen evenwicht met allerlei vormen van streven die nu eenmaal in onze menselijke natuur zitten en extra aangewakkerd worden door onze doenerscultuur. Het blijft zoeken: op een doorgaande ervaring van eenvoud kan ik mij voorlopig alvast niet beroepen. Eenvoud lijkt iets te zijn wat voortdurend ontsnapt, als een pad dat geen vaste plek of ligging heeft en telkens opnieuw moet worden gevonden. Laat ik het voortaan ‘vereenvoudiging’ noemen in plaats van ‘eenvoud’. Als eenvoud staat voor ‘je bent er’, of ‘je had er al moeten zijn’, zegt ‘vereenvoudiging’ op milde toon ‘ga vooral rustig door en geniet onderweg van het uitzicht’.

Sandra

PS. Marc, vaak mijn eerste lezer, merkt op dat ‘productief uitrusten’ wel heel illustratief is voor hoe ik in elkaar zit.

Misschien interesseert dit je ook.

 

 

Bewaren

Nieuwe data van Monsieur Léon

Geplaatst op

scheersessie messenwinkelNieuwe data van Monsieur Léon zijn beschikbaar! In Leuven kan je hem vinden in Het Atelier op volgende dinsdagen: 21 maart, 25 april, 23 mei en 20 juni. Prijs is nog steeds 60 €, gebruik van alle materialen inbegrepen, studenten krijgen 50% korting. Inschrijven verplicht via info@villavanzelf.org. Lees hier meer over de workshop van Monsieur Léon. A bientôt!