Maand: juli 2017

Eenvoudiger leven tip # 2 – hardnekkige rommeltjes

Geplaatst op Geupdate op

Ben jij iemand die ten alle tijde in een prachtig opgeruimd huis met de allures en de rust van een zenklooster vertoeft, dan kan je deze post overslaan. Er bestaan echt zulke mensen, maar zelf ben ik er niet één van. Met 5 volwassenen met uiteenlopende karakters en prioriteiten in huis is orde houden trouwens één van dé uitdagingen. En het spijt me als ik ouders met jonge kinderen die erop rekenen dat het met voortschrijdende leeftijd van het kroost allemaal zoveel beter wordt op dat vlak moet teleurstellen.

Maar goed, er ging ook nog een wekelijkse tip komen. Hier komt-ie: pak deze week elke dag één hardnekkig rommeltje aan en besteed daar maximum 15 minuten aan. Met hardnekkig rommeltje bedoel ik: een plekje waar zich spullen hebben verzameld die er al langer dan een week of twee liggen. Zo van die dingen die je op die plek al zo erg gewend bent dat je ze haast niet meer ziet liggen. Of wat ook kan: elke keer dat ze in je zicht komen, denk je ‘dit moet hier weg, ik had dit eergisteren / vorige week / twee weken geleden al moeten opruimen’. En dan loop je er weer voorbij want eigenlijk weet je niet zo goed wat je ermee moet of je hebt geen zin of nog een ander logisch lijkend excuus.

Kwestie van inspiratie op te doen, zijn hier wat voorbeelden van hardnekkige rommeltjes waar mijn gezin wel eens last van heeft:

  • glazen potjes die moeten worden afgewassen voor ze in de glasbak gaan en die zich opstapelen in de keuken
  • de hoek van de keukentafel waaraan niet wordt gegeten en waar dingen heen worden geschoven of achtergelaten
  • onverwerkte post, tijdschriften, kranten en zich lukraak verzamelend spul op de salontafel
  • afgedankte kleding die naar de kledingcontainer moet en daar helaas niet op eigen houtje heen wandelt maar zich in de buurt van de wasmanden blijft ophouden
  • gereedschap, losse schroeven, stukjes afvalhout die na een klusje zijn blijven slingeren
  • de gang: geliefkoosde plek om tassen, schoenen en wat dan ook bij thuiskomst neer te gooien
  • de slaapkamer: hoopjes gedragen kleren, al dan niet rijp voor de wasmand.

Nu ja, je kent het wel, en als je het niet kent, dan – nogmaals – moet je vooral niet verder lezen en besluiten dat je wat rommel betreft al het toppunt van eenvoud bent.

Hoek keukentafel: NA

Het is niet de bedoeling dat je je huis in één week van onder tot boven onder handen gaat nemen, dat zorgt alleen maar voor gesloof en stress in plaats van eenvoud. Wel dat je elke dag een kort moment uittrekt om op één plekje een merkbaar verschil te maken, zodat je aan het eind van de week 7 plekjes hebt die wat helderder zijn en waar je elke keer dat je er langs komt kan genieten van het voor & na-effect. Heerlijk!

Deel hieronder jouw typische hardnekkige rommeltjes of voor & na-foto als je daar zin in hebt. En verder: een eenvoudige week gewenst!

Sandra

Vorige tip gemist? Tip # 1 – Een eenvoud-dagboek starten

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Advertenties

Eenvoudiger leven tip # 1 – eenvoud-dagboek

Geplaatst op Geupdate op

Zoals eerder aangekondigd kan je vanaf nu elke week een eenvoud-tip verwachten, maar waar te beginnen?
Als je meer eenvoud in je leven wil, is een prima startpunt om jezelf zo goed mogelijk te kennen. Hoe nauwer je in contact staat met je eigen wensen, waarden en drijfveren, des te beter. Hoe doe je dat? Wel, met jezelf observeren en stilstaan bij de dingen kom je al een heel eind. Hieronder vind je handige instrumenten die je daarbij helpen.

Tip van de week:

Start met een eenvoud-dagboekje. Neem een leeg schrift of notitieboekje, of open een nieuwe file als je niet graag met de hand schrijft, in elk geval: maak iets waar je gemakkelijk notities en observaties in kwijt kan. Voel je je geen schrijver? Geen nood, telegram-stijl mag, zogenaamde bullet lists zijn toegelaten, je maakt het zo beknopt of uitgebreid als je zelf wil. Je kan ook gewoon over vragen nadenken, maar het voordeel van noteren is dat je later je notities kan teruglezen, kijken hoe je evolueert en jezelf schouderklopjes geven voor vorderingen (strafpunten voor verdwalen en terugval laten we achterwege).

Het eerste wat we doen, is een eenvoud-balans opmaken voor onszelf. Waar sta je met eenvoudiger leven op dit moment? Hier zijn wat vragen die je daarbij richting kunnen geven.

  1. Wat betekent voor jou eenvoud? Krabbel spontaan alles neer wat je invalt. Ben je iemand die houdt van tekenen, dan kan je dat ook doen. Met grotere en kleinere letters, omcirkelen en pijlen kan je aangeven wat je meer of minder belangrijk vindt. Gebruik ook kleuren als dat je helpt.
  2. Waarschijnlijk was eenvoud in je kindertijd nog geen thema, maar als je erop terugkijkt, hoe zou je je gezin van herkomst op dat vlak beschrijven? Kreeg je bepaalde ‘eenvoudige’ of ‘niet-eenvoudige’ gewoonten mee vanuit je opvoeding?
  3. Noteer 5 concrete dingen op het vlak van eenvoud waarover je tevreden bent in je leven.
  4. Noteer 5 concrete dingen op het vlak van eenvoud waarover je een vervelend gevoel hebt of waarvan je vindt dat het anders zou moeten.
  5. Noteer 5 concrete dingen in je leven waarvan je weet dat ze niet erg in overeenstemming zijn met eenvoudiger leven, maar die je – op dit moment of op lange termijn – niet wil veranderen.
  6. Situeer jezelf op een schaal tussen 0 en 10, waarbij 0 voor de grootste eenvoud staat en 10 voor de minste eenvoud. Doe dat in het algemeen en voor een aantal deelterreinen, namelijk: materieel (spullen, woning, koopgedrag, financiën …), fysiek (voeding, slaap, beweging, energie …), ecologisch (afval, energieverbruik, mobiliteit, eetgewoonten, …), werk (vervullend of niet, in overeenstemming met talenten en motivatie of niet, …), mentaal (mate van rust, tevredenheid, stress, piekeren, …), relationeel (vervullende relaties, tijd voor partner en kinderen, tijd voor hechte vriendschappen, …), afhankelijkheid (van roken, alcohol, cannabis, cafeïne, bepaalde voedingsmiddelen, internetten, …), spiritueel (aanvoelen van universele verbondenheid en diepere zin, religieus gevoel …).
  7. Hoe staat het met je naaste omgeving (gezin, familie, vrienden, collega’s, …)? Hoe zouden zij reageren als jij op bepaalde vlakken eenvoudiger zou willen gaan leven? In wie zie je potentiële medestanders of steunfiguren? Van wie verwacht je eerder tegenwind?
  8. Als je één ding zou moeten kiezen om meteen eenvoudiger aan te pakken, wat zou dat dan zijn?

Laat je notities enkele dagen liggen en kom er dan op terug. Overlees, vul eventueel aan. Als je zin hebt om iets concreets te doen aan wat je op vraag 8 hebt geantwoord, ga vooral je gang. Wil je onder dit bericht iets delen, doen!

Fijne week! En hou het simpel!

 

Bewaren

Bewaren

Gifspuiters en glyfosaat-haters: willen ze eigenlijk (niet een beetje) hetzelfde?

Geplaatst op

Het is veel in het nieuws en het houdt mij bezig: glyfosaat, Roundup, je weet wel, de onkruidverdelger die recent verboden werd voor gebruik door particulieren, maar die landbouwers nog steeds massaal op hun velden kunnen verspreiden. Producent Monsanto beweert dat het spul veilig is, heel wat onderzoeken leggen verbanden met kanker en andere aandoeningen. Er valt nog veel meer over te vertellen, maar dat kan je elders ook lezen.

Wat mij opvalt: dat de emoties hoog oplopen en je altijd weer dezelfde geluiden hoort bij voor- en tegenstanders. Voor de glyfosaat-haters gaat het over niet veel minder dan de overleving van de mensheid en het onverantwoorde gedrag van de gifspuiters. Voor de Roundup-liefhebbers gaat het over het recht om eigen tuin of oprit onkruidvrij te houden en het hysterische gemekker van een stelletje al te groene rakkers.

En wat ik me dan afvraag: wat zit er achter die felheid waarmee beide kampen hun terrein verdedigen? Volgens de theorie van de geweldloze communicatie berusten conflicten op onderliggende behoeften: mensen raken met elkaar slaags omdat aan de basis van een conflictgeladen uiterlijke situatie innerlijke behoeften ten grondslag liggen die in de verdrukking dreigen te komen. Passen we dit even toe op het glyfosaat-verhaal. Wat zou de behoefte zijn van elk van beide kampen? Laten we ervan uitgaan dat de glyfosaat-haters behoefte hebben aan een gezonde leefomgeving, veilig voedsel, een schone planeet waarop veilig te leven valt voor ons mensen. Waaraan hebben particuliere Roundup-gebruikers behoefte? Aan een nette leefomgeving waar ze met weinig moeite voor kunnen zorgen zonder bemoeizuchtige inmenging van anderen, en meestal ook aan goedkoop en makkelijk beschikbaar voedsel. Geef toe: het eerste stuk van de behoeften lijkt verbazingwekkend op elkaar. Eigenlijk willen beide partijen het graag schoon hebben in hun buurt, ze hebben er behoefte aan dat de biotoop waarin ze leven aan bepaalde kwaliteiten voldoet. Alleen vullen ze dat vanuit een verschillende  visie in. De glyfosaat-haters zien schoon en gezond als ‘vrij van giftige en vervuilende stoffen’, voor de Roundup-gebruikers staat schoon en gezond gelijk aan ‘onkruidvrij en dus netjes’. De onderliggende visie lijkt bij het eerste kamp te zijn dat de natuur moet worden gerespecteerd omdat we er als mens deel van uitmaken en ervan afhankelijk zijn voor onze overleving. Het tweede kamp lijkt de overtuiging aan te hangen dat we als mens boven de natuur verheven zijn, dat ze onder controle moet kunnen worden gehouden met alle middelen die ons efficiënt lijken en aan een lage prijs tot onze beschikking moet zijn. In de tweede visie zit ook een sterk emotionele component die te maken heeft met wat ik zou noemen beschavingsdenken. Vaak hoor je mensen uit dit kamp zeggen: ‘Moeten we dan allemaal terug aan de schoffel? Waarom keren we niet ineens terug naar het steentijdperk?’. Met andere woorden: een efficiënt product, resultaat van moderne wetenschap, verbieden staat voor hen gelijk met het ondermijnen van de beschaving en een terugkeer naar een primitiever bestaan. Voor de boer die glyfosaat op zijn akkers spuit komt daar nog eens de behoefte aan inkomenszekerheid bij.
Behalve de kwestie ‘behoefte aan een propere omgeving’ lijkt er mij trouwens nog een punt van overeenkomst: aan beide zijden is er behoefte aan een vorm van vrijheid. De enen willen gevrijwaard blijven van de effecten van giftige stoffen, de anderen willen vrij zijn van inmenging in hun persoonlijke keuzes.

Als je heel die onderlaag bekijkt, die raakt aan diepgaande waarden, is het allesbehalve verwonderlijk dat de gemoederen zo verhit raken over iets schijnbaar banaals als de manier waarop je met ongewenste planten omgaat. Misschien een wat vreemde vergelijking, maar mij doet het denken aan de verhitte reacties die je vaak krijgt op de topic: schaam- en okselhaar verwijderen of niet. Toegegeven, deze heeft een stuk minder implicaties, maar in wezen gaat het net zo over wat onder schoon of vies wordt verstaan, behoefte aan netheid en gezondheid, de vraag of datgene wat natuurlijk is ook goed is en aanvaardbaar of wat natuurlijk is daarentegen primitief en vuil is en onder controle moet worden gehouden en bijgeschaafd. Voor de enen is beharing onze natuur en hoeven we die niet weg te poetsen, voor de anderen staat het gelijk met de holenmens en gebrek aan hygiëne. En om maar helemaal de allegorische toer op te gaan: in feite kan je onkruid gewoon als het schaamhaar van onze planeet beschouwen. Voilà.

Nu ja, waar ik heen wil, is: we komen er niet als we blijven focussen op willen verbieden aan de ene kant en willen gebruiken aan de andere kant. Wat lichaamshaar betreft kan je makkelijk zeggen: ieder z’n meug, laat maar groeien of scheer en wax er op los naar believen, daar heeft niemand anders last van. Helaas kan je dat niet voor glyfosaat: de keuze van de één heeft daar rechtstreekse én onrechtstreekse gevolgen voor de ander. Als mijn buurman voortdurend Roundup gebruikt in zijn tuin adem ik het in, kan het ook op mijn groenten terechtkomen, raakt het in de bodem enzovoort. Als velen het gebruiken komt het in de ecologische kringloop en kan ik er al helemaal niet meer aan ontsnappen.

Waar ik in dit hele verhaal behoefte aan heb: dat beide kanten misschien af en toe een keer uit hun heilige gelijk kunnen stappen en kunnen zien dat we allemaal in een fijne en aangename omgeving willen leven, maar dat verschillend invullen. Dat we allemaal zo vrij mogelijk willen kunnen zijn in onze keuzes. Dat beleidsmakers ook wat meer doordrongen raken van de reflex om vanuit het totaalplaatje te vertrekken, met onderliggende behoeften inbegrepen. Als we nieuwkomers verplicht op inburgering kunnen sturen, waarom zouden we dan medeburgers in een verkozen ambt niet kunnen verplichten om een cursus geweldloze communicatie te volgen bij aanvang van hun termijn. Misschien komt er zo meer ruimte voor compromis en sensibilisering. En dringt het iets meer door dat menselijke behoeften ruimer zijn dan economische wetmatigheden en de behoefte van de top en aandeelhouders van multinationale bedrijven aan maximale winst en macht.

Bewaren

Natuurlijke voortuin in aanleg

Geplaatst op Geupdate op

Groenere straten, het is één van onze (vele) dromen. Waarom? In groenere straten is het niet alleen mooier en gezelliger wonen dan in steenvlaktes, groene straten helpen ook om onze leefomgeving gezonder te maken. Hoe maak je een groenere straat? Begin bij je eigen voortuin!

De afgelopen maanden startten we een Growfunding-actie op: we wilden 5000 € verzamelen om het project De Groenste Straat van Landen te lanceren. We hebben het – bij lange niet – gehaald. Concreet betekent dat dat het geld wat gedoneerd werd allemaal aan de donateurs wordt teruggestort want het principe is ‘target halen of niks’, zo gaat dat bij Growfunding. Is dit erg? Eigenlijk niet nee. Toegegeven, het is nooit leuk als je tijd en moeite investeert in iets wat naderhand vergeefs lijkt, maar voor de rest vallen er zeker wat wijze lessen te rapen. Bijvoorbeeld dat we iets te veel schroom hebben om zo veel mogelijk mensen om zo veel mogelijk geld te vragen. Na drie jaar Landen zijn we ook nog niet voldoende ingebed voor dit soort actie en potentiële lokale partners die enthousiast zijn maar zelf geen euro inbrengen, daar heb je dus niet veel aan. Bovendien ligt onze kracht elders: namelijk in kleinschalig starten en zo groei realiseren en vanuit onze eigen huis-/tuin-/hart-/hoofdpraktijk verhalen, voorbeelden en inspiratie delen met een persoonlijke toets.

Wat die Groenste Straat betreft maakten we dus maar de omschakeling in ons hoofd naar: laten we kleiner beginnen en alvast zelf werken aan ons eigen groene baken in onze eigen straat. Zo gezegd, zo gedaan. De afgelopen weken evolueerde onze voortuin van pokdalige-woestijn-na-verbouwing naar een natuurlijke groeiplek met potentieel. Hoe leg je een natuurlijke voortuin aan? Alle fasen voor je op een rij.

 

Voor de verbouwing: klinkervlakte, afgestemd op Koning Auto. We braken de klinkers uit en gaven ze weg via een lokale geefgroep. In elk geval wilden we dit uitzicht niet herstellen. De garage zou na de verbouwing geen auto meer kunnen herbergen, dus daarmee hoefden we alvast geen rekening te houden.

 

Na de verbouwing: er zijn waterputten aangelegd en fase 1 voor vergroening is al klaar, namelijk de grond egaliseren. Die lag er heel oneffen bij en er waren al heel wat pioniersplanten gaan groeien. Het egaliseren deden we gewoon met de schop.

Volgende stap: met boomstammetjes van ongeveer 20 cm doorsnede en variërende lengtes maakten we afbakeningen om te bepalen waar paden moesten komen en waar groeiplekken. Op de groeiplekken werd de schrale, harde grond wat losgemaakt en werd compost van eigen kweek uitgespreid.

 

Waar paden moesten komen en er dus net moet worden vermeden dat er allerlei dingen gaan groeien werd een laag zacht verhakseld plantenmateriaal gelegd dat al een winter had liggen drogen. Hier zie je goed het verschil tussen de delen van de voortuin: links uitgedroogde aarde en bedekking met compost, rechts het pad in aanleg.

 

Op de groeiplekken wordt de compost vervolgens ook bedekt met een laag haksel. Op een bescheiden smeerwortel na staat er voorlopig niets in die voortuin en we willen vermijden dat hij overwoekerd raakt voor we nog maar met een doordachte aanleg van planten begonnen zijn.

De paden naar de voordeur en de garage krijgen een tweede laag, deze keer van grof houthaksel. Altijd de moeite waard om je omgeving in het oog te houden om aan dit soort materiaal te komen: gemeentelijke groendiensten beschikken vaak over haksel dat ze kwijt willen en soms zie je ergens hopen liggen die je bij navraag gratis mag komen ophalen.

Spontaan oprukkende klaprozen en kamille, die laat je natuurlijk gewoon hun gang gaan. Dit stukje aan de rechterkant van onze voortuin laten we ongemoeid. Geen compost, zodat de grond schraal blijft en het plan om hier volgend jaar een veldbloemenmengsel te zaaien. Een beetje ophogen is nog wel nodig. En dan op naar fase 2: beplanten.

Een uitgebreidere fotoreeks kan je bekijken op onze Facebook-pagina.

Denk je dat een groenere voortuin geen optie is als je een auto en dus een stenen oprit hebt? De stad Antwerpen geeft tips.

 

Bewaren

Bewaren

7 strategieën om het beste te maken van tijdelijkheid in huis en tuin

Geplaatst op

Eén van de vervelendste dingen bij het verbouwen van een huis: tijdelijkheid. ‘Voorlopig’ is altijd al een populair woord geweest in al onze vroegere woningen en we zijn evenmin mensen die op een plek of in een job neerstrijken en daar een paar decennia blijven zitten, maar al dat tijdelijke en on-affe kan je op de duur flink moe maken.

Nu ik in deze zomer-komkommertijd volop gelegenheid heb om onder ogen te zien hoe ons Villa’tje erbij ligt, ontwikkel ik strategieën om van tijdelijkheid in plaats van iets ergerlijks een kracht te maken. Hoe? Hieronder een paar principes om je te inspireren en een voorbeeld.

1. No stress!

Onafgewerkte dingen zorgen vaak voor een zeurend gevoel op de achtergrond of zelfs latente schuldgevoelens. ‘Hoeveel jaar duurt het nog voor dit afgewerkt raakt?’ ‘Waarom ben ik zo’n uitsteller?’. Wel, er zijn vast meer dan genoeg goeie redenen waarom deze plek er zo uitziet: er zijn andere prioriteiten, je hebt het druk, je hebt geen idee hoe je het kan aanpakken, … Het weze zo! Besluit bij deze om het jezelf te vergeven en klaar!

2. Beschouw tijdelijke plekken als pop-up zone.

Nu kan je met een schone lei beginnen. Kies een tijdelijke plek uit waarvan je weet dat je ze de eerstkomende tijd niet definitief gaat inrichten en waar je een oplossing voor wil. Dat kan van alles zijn: een vervelende rommelhoek, een braakliggend stukje in je tuin, een ongebruikt kamertje dat nog niet afgewerkt is … Zeg tegen jezelf: dit is een pop-up, deze plek zit vol potentieel dat nog niet benut is, hier komt iets snels en leuks. Wat is het?

Hiernaast zie je een plek achteraan ons huis, tijdens de verbouwing in januari. Voorheen was er een veranda, voorlopig blijft deze plek onoverdekt en komt er ook geen nagelnieuw terras. In juni lag het er, behalve de stellingen die weggehaald waren, nog ongeveer net zo bij:  blote aarde, nu met opschietend onkruid erop, puin en steengruis en de fundamenten en wanden voor een natuurlijke waterzuivering.

 

 

3. Gebruik je verbeelding.

Een pop-up in of rond je huis hoeft helemaal niet de bestemming te krijgen die je ervoor in gedachten hebt op langere termijn. Denk na: wat zou ik op dit plekje het liefst willen doen als ik het beter ingericht zou krijgen? De was opvouwen, een boek zitten lezen, naar muziek luisteren, aardappelen schillen of nog wat anders? Ga er desnoods een half uurtje zitten,  kijk rond en luister om je fantasie te helpen.

Wat de plek op de foto hierboven betreft: gelegen op de zuidkant kan het er ’s middags bloedheet zijn, maar ’s ochtends is het er nog koel en kan je de zon zien opkomen. Dit moest een ontbijtterrasje worden!

4. Gebruik materialen die elders in en om je huis geen functie hebben of zelfs ontsierend afval zijn.

Heb jij dat ook? Ongebruikte stoelen, servies, boeken, lampen, bouwmaterialen, … waar je in en om je huis geen blijf mee weet, maar waarvan je denkt dat je ze in de toekomst nog nodig zal hebben? Het goeie nieuws is dat ze voor het bestrijden van tijdelijkheid een goudmijntje kunnen vormen.

Op de foto: na het weghalen van puin en onkruid en licht egaliseren van de grond werd de plek bedekt met twee grote houten platen en een heleboel betonnen tegels die in de tuin vooral lelijk lagen te wezen. Een metalen tafeltje dat stond te niksen op zolder kon zich plots nuttig maken.

5. Werk snel.

Als je er drie weken aan een stuk over moet doen om je pop-up klaar te krijgen, als er breken, metselen, behangen, schilderen of andere langdurige activiteiten bij komen kijken, dan ben je eerder bezig met inrichten voor de langere termijn. Daar is niks mis mee natuurlijk, maar het is het leukst en geeft de meeste voldoening als je snel resultaat hebt. Enkele uren of een dag is ideaal.

Het ontbijtterras op de foto maken kostte alles bij elkaar een uur of twee.

6. Versier!

De kans is groot dat het er allemaal niet zo afgewerkt of supernetjes gaat uitzien, misschien gebruik je meubels of materialen die je op zich niet erg mooi vindt maar die wel je doel dienen. Dat wil niet zeggen dat het sowieso lelijk-maar-functioneel hoeft te worden. Versieren is de boodschap! Zorg voor wat aankleding met een fleurig tapijtje, een plant, een mooie prent aan de muur, wat dan ook om de sfeer zo prettig mogelijk te maken.

Op verschillende plekken in onze tuin stonden grotere en kleinere planten in potten, uit het zicht, een beetje verloren. Bij elkaar gezet versieren ze het terrasje en functioneel is dit ook: bij heel warm weer moeten ze ’s avonds water krijgen en dan is het mooi meegenomen dat ze allemaal bij elkaar staan vlak bij de achtergevel.

7. Documenteer!

Ziezo, mini-terras klaar!

Een pop-up plekje kan iets van maanden zijn of misschien wel enkele jaren, maar tijdelijk blijft het in elk geval. Maak er wat foto’s van (‘voor’ en ‘na’ is altijd leuk). Het voelt dan aan als een project waar je mee bezig bent, eerder dan oplapwerk, en het is ook leuk om later te kunnen herbekijken welke transformaties je huis en tuin allemaal hebben ondergaan. Je gaat ook beseffen dat tijdelijkheid een eigen speelse charme kan hebben.