vervuiling

Plasticvrij Leven – Alternatieven voor plastic folie

Geplaatst op

Snel even in een plastic velletje draaien is heel handig natuurlijk, maar achteraf moet je dat wel weggooien en onze planeet leidt al aan zware plastic-indigestie. Plastic folie gebruiken is niks meer of minder dan een gewoonte. Heb je dit product nodig in je leven? Totaal niet. Wedden dat het ook veel fijner en creatiever voelt om alle leuke alternatieven voor dit spul te proberen of je eigen oplossingen te verzinnen! Enkele ideeën om je te inspireren …

1.De goeie ouwe brooddoos

Misschien roept ze herinneringen op aan je kindertijd. Behoeft geen verdere toelichting. Gebruik ze! Je vermijdt er bovendien mee om broodjes in een broodjeszaak te moeten kopen, waar ook weer een hoop afval omheen zit.

2. Wasbaar boterhamzakje

Stof aan de buitenkant, plastic laagje vanbinnen. En ja, da’s ook plastic natuurlijk, maar je hergebruikt het wel telkens. Te vinden onder allerlei merknamen – Lunchskins, Keep Leaf, Snack ’n Go – en in heel veel leuke kleurtjes en motiefjes.

3. Broodzak recyclen

Brood op? Kruimels uit de broodzak schudden, de zak opvouwen en bewaren. Je kan hem nog een aantal keren opnieuw gebruiken om boterhammen in te stoppen.

4. Bijenwasdoek

Bijenwasdoeken zijn katoenen doeken die met een laagje bijenwas ingestreken zijn zodat je ze om voedsel – brood, kaas, groenten, (niet geschikt voor vlees) – kan wikkelen om het vers te houden. Ik heb er zelf sinds een tijdje enkele in gebruik en vond het eerst wat wennen. Er hangt een duidelijk bijenwasgeurtje aan en ik vroeg me af of dat geen geur of smaak aan het voedsel geeft, maar dat valt mee. Ze schoonmaken – met lauw water en een beetje afwasmiddel – vond ik eerst niet zo bevredigend, bv. wanneer er kaas in had gezeten vroeg ik me af of ze wel echt schoon waren, maar intussen loopt het wel. En het moet gezegd: ze ‘zetten’ zich mooi naar alles wat je erin verpakt.

Je kan ze online kopen of in verpakkingsvrije winkels  – ik kocht de mijne bij Content in Leuven – en blijkbaar kan je ze ook doodgewoon zelf maken of je gekochte wraps na verloop van tijd een nieuw waslaagje geven.

5. Glazen potten met deksel bijhouden

Vooral grotere potten of potten met een brede opening bovenaan zijn geschikt om bij te houden om restjes in te bewaren.

6. Afdekken met een bord(je)

Doodeenvoudig deze. In plaats van plastic folie te gebruiken kan je een bord(je) op een schaal, kommetje of kop zetten. Misschien is het even uitkijken dat je dat er niet afstoot in een volle koelkast want vast zit het niet, maar geen koelkast hebben is natuurlijk ook een optie.

7. Laat het in de pot

Heb je de gewoonte om restjes die nog in een kookpot zitten over te hevelen naar een schaal en die dan af te dekken met folie? Waarom eigenlijk? Als je ze in de pot laat zitten en het deksel erop zet, kan je ze de dag daarop ineens opwarmen. Te weinig plaats in de koelkast voor kookpotten? Een restje bewaren tot de volgende dag kan perfect als je het op de koelste plek in huis zet.

8. Food huggers

 

Food huggers zijn silicone hoesjes waarmee je iets kan afdekken. Deze vond ik toevallig tijdens mijn research. Persoonlijk vind ik het niet nodig om de aangesneden kant van een stuk fruit of groente af te dekken, ik snijd er gewoon een heel dun schijfje af wanneer ik het later gebruik en gooi dat in de compostbak, maar als je helemaal niks wil verspillen is dit wellicht een goeie optie.

Te vinden op verschillende sites in België en Nederland:

Babongoshop
Kudzu,
Greenjump

 

 

9. Bowlovers

Deze is een leuke: wasbare stoffen hoesjes met een elastiekje erin om schalen af te dekken. Ik vond ze niet te koop op een Belgische of Nederlandse site, maar hier is de site van het Engelse bedrijfje dat ze maakt. Met wat stof en elastiek en enige handigheid ook prima zelf te maken.

Heb jij nog andere manieren om plastic folie te vermijden? Deel ze zeker hieronder!

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Hoe omgaan met eco-ellende?

Geplaatst op Geupdate op

Herken je het volgende? Je hebt over het algemeen wel een beetje oog voor nieuws over milieu en ecologie en meestal word je er alleen maar treurig van. Of kwaad, gefrustreerd, cynisch. Of je krijgt het gevoel dat jouw eigen inspanningen voor een schonere aarde ronduit belachelijk zijn vergeleken bij de schaal van vervuiling. Ik las deze week artikels over Dicamba, het volgende supergif van Monsanto dat in de VS voor controverse zorgt – kwestie van tijd voor Monsanto het in Europa ook op de markt probeert te brengen met alle gevolgen van dien, denk ik dan -, en verder over hoe een toiletpapierproducent zich van hout bevoorraadt in de Noord-Europese boreale wouden – we vegen ons achterwerk af aan het oerbos dus -, en ook nog over microplastics in zeezout – boordevol mineralen, zonder additieven, 100 % natuurlijk, en vol plastic, fijn!

En zo gaat het aan één stuk door. Ik vroeg me plots acuut af: hoe blijf ik daarmee omgaan? Geen artikels met onheils-titels meer lezen, de krant helemaal links laten liggen, het niet meer laten doordringen, het zelf ook wat minder nauw nemen met het milieu? Geen van die dingen bevalt me. Het ligt meer in mijn aard om weerwerk te bieden aan de stromen van eco-ellende die voortdurend over ons heen spoelen. Daarom heb ik voor mezelf een strategie geformuleerd:

  1. Het evenwicht houden tussen informatie negeren en obsessief ‘alles’ willen weten. Weglopen of me blind en doof houden zijn beide zinloos, dus ik blijf het nieuws volgen. Maar net zo goed moet ik mezelf soms een halt toeroepen wanneer ik van het ene artikel naar het andere surf om nog meer en meer en meer te weten te komen. Nieuws is nu eenmaal onbeheersbaar en dikwijls ook ongenuanceerd, dus enige afstand houden is wel zo gezond.
  2. Gevoelens toelaten. Accepteren dat ik soms kwaad, machteloos, wanhopig word van al dat vreselijke nieuws en er ruimte aan geven. Dit brengt me telkens terug naar het werk van milieu-activiste Joanna Macy, waarover ik eerder schreef.
  3. Dankbaar zijn om wat er wel is. Heel concreet had de natuur voor mij het volgende in de aanbieding deze week: zalige septemberzon, ochtendlicht door het raam van mijn zolderkamer, een uurtje rustig lezen onder de milde bescherming van een boom in de botanische tuin in Leuven, verse groenten uit de tuin eten, …
  4. Blij zijn om mijn eigen bijdragen aan een schonere aarde. Het lijstje van de week: mozzarella, yoghurt en bio-groenten zonder plastic verpakking gekocht, geen enkele auto-kilometer gereden, een petitie getekend en gedeeld, een vormingsdag bij de Bond Beter Leefmilieu gevolgd …
  5. Geïnformeerde keuzes maken. Als ik weet dat Lotus en Edet merken zijn van toiletpapierproducent Essity die de oerbossen plundert, dan kies ik ervoor om die merken niet meer te kopen.
  6. Zoeken naar positief nieuws. Een paar ton sinaasappelschillen die een stuk tropisch woud laten herleven, studenten die groenten kweken in een historische stadstuin.
  7. LOSLATEN! Ik hoef al het leed van de wereld niet op me te nemen, ik ben niet verantwoordelijk voor de ellende die multinationals aanrichten en ik hoef ook niet al mijn tijd op te offeren aan activist zijn voor een groenere wereld.

Wat zijn jouw strategieën om overeind te blijven te midden van eco-ellende? Ik lees het graag.

Sandra

 

 

Ecologisch reizen, een contradictie?

Geplaatst op

Kan je ecologisch reizen? Volgens Green Evelien is het een contradictio in terminis. Je verplaatsen, zeker over lange afstanden, is sowieso een belasting voor het milieu. Dat klopt natuurlijk, zeker als je na een verre vliegreis ook nog eens voor een 4-sterrenhotel kiest en met een quad over plaatselijke zandwegen gaat scheuren.

Als niet-autobezitters – tenzij je het gebruik van een deelauto ook als autobezit beschouwt – gingen wij tot nu toe met een huurauto op vakantie. Vliegreizen proberen we bewust tot het minimum te beperken, vorig jaar kwamen we met z’n vijven uit op 1 tweepersoonsvlucht binnen Europa, dit jaar zal de teller op 0 staan. Vorig jaar werd onze vakantiebestemming  Schotland, en ook al gingen we niet helemaal tot de echte Highlands, toch ervoer ik de heen- en terugreis als eindeloos, oncomfortabel (files lijken er toch altijd wel wat bij te horen als je honderden kilometers aflegt) en ongezond (de geur van uitlaatgassen die de hete auto binnendringt op volle snelwegen). Dit jaar anders, nam ik me voor.

Niet op vakantie gaan is natuurlijk ook een optie. Als je wil, heb je snel argumenten bij elkaar voor een zogenaamde staycation in eigen huis: vakantie betekent bijkomende stress, organisatie, gezinsconflicten, is duur, er kan vanalles misgaan en wanneer je terugkeert, is de dagelijkse routine extra pijnlijk. Kan allemaal wel waar zijn, maar ik  blijf op vakantie gaan met het gezin vooral als meerwaarde ervaren. Met (bijna) volwassen kinderen in huis is met z’n allen samen dingen beleven geen evidentie meer (ik zie mijn adolescenten nog niet gedwee hun laptops afzetten voor een thuisblijf-vakantie in onze achtertuin). Ik heb vakanties samen altijd aangevoeld als één van de soorten cement die een gezin bij elkaar houden, ook al waren sommige reizen allerminst toonbeelden van peis en vree. De herinneringen die nog altijd worden opgehaald aan reizen van 5 of 10 jaar geleden bevestigen dat. En even uit het gewone stappen en een nieuw stukje wereld ontdekken blijft hoe dan ook een fijne prikkel.

We kozen voor een dubbele formule om iedereen maximaal gelukkig te maken: een weekje stad, en los daarvan een weekje natuur, voor iedereen vrij te beslissen of er al dan niet in één of beide formules werd ingestapt. De stad werd Berlijn, met de trein. Vaak lijkt het erop dat hoe ecologischer je probeert te reizen, des te meer je financieel wordt afgestraft. Genre: vliegtuigtrip voor een habbekrats, treinreis kost een fortuin. Concreet kostte onze treinreis voor 5 personen, waarvan 3 aan jongerentarief (- 25j), 590 € heen en terug. Geboekt ongeveer een maand voor de reis, dus dat had wellicht goedkoper gekund, wel met plaatsreservaties inbegrepen. We kozen bewust niet voor hogesnelheidstreinen, wat de prijs flink drukte. Het betekende wel dat we twee overstappen hadden, maar de aansluitingen waren redelijk en de reisduur was ongeveer 6 1/2 uur. Een technisch defect waardoor we een aansluiting misten kostte op de heenreis een uur vertraging, maar Deutsche Bahn zorgde vlot voor een nieuwe plaatsreservatie op een andere trein en beloofde een gedeeltelijke terugbetaling van onze tickets. Dat dossier is nog lopende, maar ik zie het een vliegtuigmaatschappij niet zo meteen doen, terugbetalen bij vertraging.

Voor de rest: geen files, geen stank, geen oververhitte auto en heerlijk uren lezen en schrijven (dat is dan weer het voordeel van grote kinderen hebben, al heb ik de trein toen ze klein waren ook altijd veel fijner en relaxter gevonden dan de auto).

Eco op onze bestemming: logeren in een appartement, mogelijkheid om afval te scheiden zodra we de deur uitstapten, meestal zelf koken, voornamelijk tweedehands shoppen (waar Berlijn een goeie plek voor is), alle verplaatsingen te voet of met openbaar vervoer. Op vakantievoetafdruk.nl kan je de ecologische voetafdruk van je vakantie berekenen. Wij kwamen er met 87 m²/dag behoorlijk uit, als je weet dat 90 m² per dag beschouwd wordt als een ‘eerlijke’ vakantie en de gemiddelde vakantievoetafdruk per dag voor een Nederlander op 250 m² uitkomt. Voor Belgen zal dat niet veel anders zijn. Diezelfde vakantie met de auto zou ons op 104 m²/dag hebben gebracht.

Onze ‘formule 2’ werd een weekje kamperen in de Hoge Venen. Vervoer: met de deelauto, financieel een stuk interessanter dan een huurauto. Eco: voornamelijk zelf koken, zoveel mogelijk verplaatsingen te voet, een camping met zonnepanelen op het sanitair-blok en strikte afvalscheiding, tot en met metalen dekseltjes en plastic flessendoppen. Toegegeven, dat we daar terechtkwamen was toeval en niet het resultaat van rigoureus opzoekingswerk over het eco-gehalte van campings, maar toch mooi meegenomen. Deze vakantie had een voetafdruk van 65 m²/dag.

Beetje te vergaand al dat rationele gereken voor iets als vakantie? Het is natuurlijk nog altijd de bedoeling dat het doodgewoon leuk blijft en we niet onder schuldgevoelens gebukt hoeven te gaan zodra we onze landsgrenzen overschreiden.  Maar met even stilstaan bij keuzes en kijken waar het anders kan is ook niks mis. Ik vond onze formules zeker voor herhaling vatbaar.

 

Luna’s erfenis – Julia Butterfly Hill

Geplaatst op Geupdate op

Nog een keer een hartversterkend boek gelezen, zo’n boek waar je inspiratie van krijgt en dat een licht gevoel nalaat, ook al is het onderwerp verre van luchtig. In ‘Luna’s erfenis’ brengt Julia Butterfly Hill verslag uit van de twee jaar die ze ononderbroken in een reusachtige sequoia in het uiterste Noorden van Californië doorbracht. Ze noemde de boom, die met een blauw teken was gemerkt om te worden gekapt, Luna en stelde zich tot doel er niet uit te komen voor de bescherming ervan was verzekerd. Luna bevond zich in een gebied waar oeroude bossen genadeloos werden gekapt, waar dorpen als gevolg daarvan bij zware regenval door aardverschuivingen werden bedreigd en waar in het algemeen de macht van het grote geld systematisch leek voor te gaan op het welzijn van mensen, dieren en natuur.

Hill vertelt onderhoudend hoe ze een beetje naïef en toevallig in het activistenbestaan rolde. Op reis met andere jongeren ontdekte ze het gebied en kwam ze voor het eerst in aanraking met zogenaamde boomzitters. Ze werd zo diep geraakt door de schoonheid van de bossen en de verschrikkingen van de leegkap dat ze het vanzelf als haar levenstaak ging zien om hierin een rol te spelen. Ze zocht het basiskamp van de activisten op, werd er totaal niet verwelkomd en kreeg het gevoel dat ze als onwetend groentje alleen maar in de weg liep. De boomzitters waren verbonden met een milieu-organisatie, terwijl zij dat helemaal niet was, en zowat iedereen liet haar verstaan dat ze er niks kon komen doen. Haar opvoeding als predikantendochter kwam plots goed van pas. Van haar ouders had ze namelijk geleerd zich in te zetten voor datgene waar ze in geloofde en zich er niet zomaar door tegenstand of meningen van anderen vanaf te laten brengen. Ze hield dus vol, kon toch een connectie aanknopen met enkele mensen en kreeg op een dag de kans om in de boom te klimmen die ze later Luna zou noemen. Het werd een beangstigende, maar ook geweldige ervaring.

lunas_erfenis_-_julia_butterfly_hillEr was een systeem waardoor telkens één of twee mensen in een boom zaten gedurende enkele dagen en dan werden afgelost door anderen. Aan het einde van het seizoen, wanneer de winter in zicht kwam, keerden de meeste activisten huiswaarts. Dat betekende echter niet dat de bomen dan geen risico meer liepen want het vellen ging ook in het koude seizoen door. Hill vond het volkomen onlogisch om een boom een tijdje te beschermen en hem dan in de steek te laten. Toen er op een bepaald moment geen vervanging voor één van de boomzitters was, bood ze aan om een langere periode – een week, een maand – in een boom te gaan zitten. Zo geschiedde. In december 1997 klom ze de 60 meter naar het platform bovenin de boom, zonder enig vermoeden dat ze pas in december 1999 opnieuw vaste grond onder de voeten zou voelen.

Wat volgt is een afwisselend verhaal. De ene keer gaat het over de puur praktische kant van het leven in een boom: hoe ze het toilet vrouwriendelijker maakt, wat ze eet, hoe ze ervoor zorgt dat ze voldoende lichaamsbeweging krijgt, hoe ze zich beschermt tegen kou, sneeuw en rukwinden in de winter, hoe ze reparaties uitvoert aan de primitieve en krappe behuizing van hout, zeildoek en isoltatietape. Sommige momenten zijn hallucinant of adembenemend: Hill vertelt hoe ze zich urenlang in een storm met rukwinden tot 150 km/uur vastklemde aan de middenpaal van het platform en bad voor haar leven, hoe ze tijdens de eerste winter bevroren tenen kreeg en hoe ze leerde om op blote voeten en zonder klimgordel in Luna rond te klimmen, waardoor ze een diepe gehechtheid aan de boom ontwikkelde.

Daarnaast gaat het ook over de politieke kant van haar actie: geleidelijk kreeg ze lokale, nationale en internationale bekendheid, moest ze omgaan met media, kreeg ze soms meer bezoek dan haar lief was, werd ze door sommigen cynisch afgekraakt en door anderen opgehemeld.

Van het bedrijf dat verantwoordelijk was voor de houtkap in het gebied en dat liefst zo snel mogelijk haar geliefde Luna wilde omleggen had ze het hard te verduren. Houthakkers bespotten en bedreigden haar, er werden helikopters ingezet om haar te intimideren, een gebied in de buurt van de boom werd dagenlang platgebrand, ze werd uit haar slaap gehouden door constant lawaai. Een absoluut dieptepunt van haar actie was toen een mede-activist op de begane grond onder een vallende boom omkwam.

Haar pogingen om contacten te leggen met de directie van het houtwinningsbedrijf werden lange tijd systematisch genegeerd. Uiteindelijk kwam er toch beweging in de zaak en na maandenlange onderhandelingen en met steun van stakende staalarbeiders en internationaal bekende artiesten werd een akkoord bereikt over de bescherming van Luna en andere bomen en bossen.

Er zijn risico’s aan dit soort literatuur: dat het een imponerend verhaal over bovenmenselijk heldendom wordt. Of dat je ongemakkelijk op je stoel gaat schuiven door het sentimentele zweefgehalte. Julia Butterfly Hill (Butterfly is haar activistennaam) weet dat gelukkig allemaal te omzeilen. Door haar manier van schrijven geeft ze de boodschap: ik ben maar een gewoon mens dat in buitengewone omstandigheden terechtkwam en ik deed wat nodig was om daarmee te leren omgaan. Beschrijvingen van angst, pure paniek, leegte en twijfels laat ze niet achterwege. Als lezer ga je ook begrijpen wat haar in staat stelde om die twee jaar vol te maken: enerzijds een onbuigzame koppigheid om voor haar doel te blijven gaan, en anderzijds een diep spiritueel gevoel over haar verbinding met de natuur en wat ze van die laatste kon leren.

Soms ga ik me kleintjes voelen van een boek als ‘Luna’s erfenis’. Wat doe ik eigenlijk? Wat voor verschil maak ik? Moeten we niet met z’n allen gaan actie voeren, beschermen, protesteren, … ? Bij Hill’s verhaal krijg ik dat gevoel niet. Wat ik er wel uit besluit: wees wakker en bewust in plaats van je slaapwandelend te laten leven. Maak de keuzes die voor jou het meest echt en levendig aanvoelen en wees daarin compromisloos jezelf, dan maak je sowieso ergens een verschil. En ook: word niet bitter en bewaar altijd hoop.

Er zijn heel wat filmpjes over Julia Hill te vinden op het internet. Hier is een mooie over ‘hope committed to action’.